Week van de poëzie

Hoe besteed jij aandacht aan de week van de poëzie in jouw klas?

Van 25 tot en met 31 januari is het de week van de poëzie met als thema: Theater.

Tijdens de Poëzieweek worden onder andere de Herman de Coninckprijs en de VSB Poëzieprijs uitgereikt en vinden de Nederlandse Kampioenschappen Poetry Slam plaats. Minstens even belangrijk zijn de honderden poëzieactiviteiten die poëzieliefhebbers op eigen initiatief op vele plekken in Vlaanderen en Nederland organiseren.

Wil je meer weten informatie over de Poëzieweek, neem dan een kijkje op hun website.

Poëzie in de klas

Twee goede redenen om aandacht te besteden aan poëzie zijn:

  1. Poëzie opent nieuwe werelden voor kinderen.
  2. Poëzie vergroot het taalgevoel bij kinderen.

En hoe leuk is het om hier juist tijdens de week van de poëzie mee bezig te gaan?!
Speciaal voor de poëzieweek geef ik jullie twee soorten gedichten die je gemakkelijk in je klas kunt maken met de kinderen.

Een figuurgedicht

Een leuke en eenvoudige manier om met poëzie bezig te gaan is in de vorm van een figuurgedicht. Eerst zal ik een voorbeeld geven van een figuurgedicht en vervolgens leg ik uit hoe je er één kunt maken in jouw klas.

Op naar de top:
Ik
Ik ren
Ik ren rap
Ik ren rap naar
Ik ren rap naar de
Ik ren rap naar de top
Ik ren rap naar de top toe
Ik ren rap naar de top
Ik ren rap naar de
Ik ren rap naar
Ik ren rap
Ik ben
moe.

Door de volgende stappen te doorlopen kan jij samen met jouw klas een lijstgedicht maken:

  1. Ga met de kinderen in de kring zitten en zeg tegen de kinderen dat jullie samen een heel kort verhaal gaan verzinnen.
  2. Jij geeft de eerste twee woorden.
  3. De persoon links van je herhaald deze twee woorden en voegt er een word aan toe.
  4. Ga zo verder tot je een mooie zin hebt. Het is niet de bedoeling dat ieder kind een woord kan toevoegen en je uiteindelijk een hele lange zin hebt.
  5. Je vraagt aan de kinderen wat het gevolg kan zijn van de zin die je hebt gemaakt. Bijvoorbeeld: Ik zing luid als ik onder de douche sta. Met als gevolg: Ik word hees.
  6. Toon het gedicht en vraag hoe het eruit ziet. Hierbij kan je uitleggen dat het een figuurgedicht is, een gedicht in een bepaalde vorm.
  7. In het gedicht staan eigenlijk maar twee ‘echte’ zinnen. Welke twee? ‘Ik ren rap naar de top toe’ en ‘ik ben moe’. Wat is het verband tussen deze twee zinnen? Oorzaak en gevolg.

Zodra je dit hebt geoefend met de kinderen, dan kunnen zij natuurlijk zelf ook een lijstgedicht maken. Zij kunnen er dan ook voor kiezen om een andere vorm aan het lijstgedicht te geven.

Een lijstgedicht

Een lijstgedicht kan je ook heel goed maken met de kinderen terwijl je in de kring zit. Je kunt dit gedicht al vanaf de kleuters maken, maar ook in de bovenbouw is het leuk om te werken met een lijstgedicht.

Doorloop de volgende stappen om een lijstgedicht te maken:

  1. Ga in de kring zitten en zeg tegen de kinderen het begin van een als, dan zin. Dus bijvoorbeeld: ‘Als ik veel geld heb, dan…..’ Of: ‘Als ik naar school ga, dan…..’
  2. De kinderen maken de zin vervolgens af. Jij noteert iedere zin op een papier. Geef bij de kinderen aan dat zij hun zin moeten proberen te onthouden. Zet bij iedere zin de naam van het kind zodat jij altijd weet wie de zin heeft bedacht. Als kinderen dezelfde zin bedenken, dan is dit natuurlijk geen probleem.
  3. Lees alle zinnen voor. Je hebt nu een begin van je lijstgedicht.

Maar met dit gedicht kan je nog veel meer doen. Afhankelijk of je in de onder-, midden- of bovenbouw dit gedicht maakt, kan je het volgende doen:

Onderbouw:

  1. Werk het gedicht uit in Words. Voeg om de 4/5 zinnen de beginzin toe. Zorg ervoor dat je een groot lettertype gebruikt en print het gedicht uit op meerdere A3’s.
  2. Hang het lijstgedicht op in de klas en lees hem nog een keer voor.
  3. Weten de kinderen nog welke zin zij geschreven hebben? Ze kiezen een woord uit de zin die zij het mooist of leukst vinden.
  4. De kinderen stempelen dit woord op een klein papiertje en maken hier een tekening bij.
  5. Dit papiertje plak je vervolgens op het woord in de zin.
  6. Je lijstgedicht is nu af!

Midden- en bovenbouw:

  1. Geef een kind de opdracht om de zinnen over te schrijven in Words.
  2. Print de lijst met zinnen uit en geef ieder kind hier een exemplaar van.
  3. De kinderen knippen de zinnen uit.
  4. De kinderen leggen de zinnen (individueel) in een volgorde die zij het mooist vinden. En zij voegen om de 4/5 zinnen de beginzin toe.
  5. De kinderen schrijven hun lijstgedicht op en maken hier een mooie tekening bij.
  6. De kinderen lezen hun lijstgedicht voor.
  7. Je hebt nu heel veel verschillende soorten lijstgedichten met deze zinnen.

Meer lessen

Het leuke aan de Poëzieweek is dat er een compleet lespakket online beschikbaar is voor basisscholen en het voortgezet onderwijs. Het enige wat je hoeft te doen is naam + e-mailadres in te vullen en je ontvangt het lespakket in je mailbox! Meer informatie over de Poëzieweek op school en de lespakketten vind je hier.

Wat ga jij doen?

Naast de bovenstaande lessen en ideeën kan je natuurlijk op nog veel meer manieren bezig gaan met poëzie. En ik ben heel erg benieuwd naar jouw ervaringen op het gebied van poëzie en wat jij gaat doen tijdens de week van poëzie.

Heb je nog leuke lessen die je met anderen wilt delen? Deel deze dan hieronder in een reactie 🙂

meesterJasper on FacebookmeesterJasper on Instagram
Jasper
Stamgroepleider van groep 6/7/8 op O.J.S. de Swoaistee te Groningen en oprichter van inmijnklas.nl. Met inmijnklas.nl hoop ik een plek te creëren waar meesters, juffen en studenten hun ervaringen en ideeën kunnen delen met elkaar!
Jasper

meesterJasper

Stamgroepleider van groep 6/7/8 op O.J.S. de Swoaistee te Groningen en oprichter van inmijnklas.nl. Met inmijnklas.nl hoop ik een plek te creëren waar meesters, juffen en studenten hun ervaringen en ideeën kunnen delen met elkaar!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: