Janneman in het papieren huisje

Exposé

Dit is de informatie die je geeft voordat het eigenlijke verhaal begint.

Het verhaal dat ik jullie nu ga vertellen is een Gronings volksverhaal geschreven door Johannes Onnekes. Het is een verhaal dat van generatie op wordt verteld.

Motorisch moment

Dit is het start van het verhaal.

Er was eens een heel klein ventje, dat maar een paar vingers lang was. Hij heette eigenlijk Jan, maar omdat hij zo verschrikkelijk klein was, noemde iedereen hem Janneman. Zijn ouders waren allebei dood en hij woonde alleen in een papieren huisje, dat hij zelf gemaakt had van een spel kaarten.

Het huis van Janneman stond vlakbij het heksenbos en Janneman was nooit erg vriendelijk tegen heksen. Hij schold ze uit of was de heksen aan het pesten.

Eens, toen hij thuis aan het pannenkoeken bakken was, kwam er een ouwe heks voor zijn venster staan en vroeg hem wat hij daar deed.

Ontwikkelingen

Er volgt een reeks ontwikkelingen die uiteindelijk naar de climax leiden.

“Pannenkoeken bakken,” zei Janneman.

“Mag ik in je huisje komen, Janneman, en een pannenkoek van je hebben?” vroeg de ouwe heks weer.

“Neen,” zei Janneman, “je krijgt er geen.”

“Toe nou Janneman,” fleemde de ouwe heks, “dan zul je een lekkere appel van mij krijgen.”

“Neen,” zei Janneman weer, “ik doe de deur niet open voor een lelijke ouwe heks.”

“Je zult een mooie zilveren tabaksdoos van mij krijgen.”

“Nou, vooruit dan maar,” zei Janneman, en hij deed de deur open en liet de ouwe heks erin.

Toen zij eenmaal binnen was, greep de heks Janneman bij zijn benen, stopte hem in een zak en liep ermee weg.

“Hé laat me eruit heks!” riep Janneman. “Ja, dat ga ik ook doen,” zei de heks, “zodra de pan thuis kookt en ik je mootjes ga hakken voor mijn soep.”

Lachend met de zak op haar rug liep de heks richting haar huis in het heksen. Onderweg kwam de heks een pub tegen en van al dat lopen had de heks dorst gekregen. Ze had een heerlijk hapje in haar zak en om te vieren bestelde ze een groot glas bier. Ze klokte haar bier in één keer achterover en bestelde nog een grote bier en vervolgens nog één. Van al dat bier drinken moest de heks naar het toilet. Naast de heks zat een arbeider en ze vroeg aan hem of hij eventjes op haar zak wilde passen. Dit wilde de arbeider wel doen en de heks ging naar het toilet.

Wat was hij verdrietig en bang tegelijk. Sinds de dood van zijn ouders zong hij altijd een liedje op dit soort momenten. En ook nu begon Janneman verdrietig het volgende te zingen: “Had ik maar iemand om van te houden. *snik* *snik* Twee zachte armen om mij heen. *snik*”

De arbeider hoorde het gezang van Janneman en vroeg zich af wat er in de zak zat. Voorzichtig schopte hij tegen de zak aan. “AUW,” zei Janneman. De arbeider schoot omhoog van schrik en vroeg: “Wie of wat zit daar in de zak en is daar aan het zingen?” Waarop Janneman het volgende antwoordde: “Ik ben een gouden zingende egel meneer. Dit was een heel verdrietig liedje, maar ik kan ook hele vrolijke liedjes zingen. Als u er één wilt horen, dan moet ik mij maar eens uit de zak laten.” Waarom Janneman dit zei dat wist hij ook niet. Maar zijn leugen werkte. De arbeider bedacht zich niet, pakte zijn mes en sneed de zak open.

Janneman bedacht zich geen seconden, sprong uit de zak en rende zo snel als hij kon naar huis. Hij deed direct zijn deur op slot en plofte neer op zijn stoel. “Pfffff, wat een rot heks.” mompelde hij.

Van dit avontuur had hij enorme honger gekregen dus ging hij verder met het maken van zijn pannenkoeken.

De heks was ondertussen terugkomen van het toilet en zag de arbeider niet meer in de pub. Vervolgens zag ze haar opengesneden zak en de heks werd woest. Ze begon te vloeken en te tieren. “Dat kleine vervelende mannetje is gewoon uit mijn zak gekomen. Dit ga ik hem betaald zetten!” schreeuwde de heks.

Ze liep de pub uit en trok bos de deur achter haar dicht.

Opnieuw ging ze naar het papieren huisje en riep: “Janneman, Janneman, doe eens open, dan krijg je een hele dikke peer van mij.”

“Neen,” zei Janneman, “dan wil je me zeker in je zak stoppen.”

“Neen, neen, dat zal ik niet doen,” zei de heks. “Laat me erin, dan krijg je een pond tabak van mij.”

“Neen,” zei Janneman, “zo laat doe ik de deur niet meer open.”

“Toe nou,” zei de heks, “je zult een heel mooi gouden ding krijgen.”

“Nu, dat is goed!” was het antwoord, “kruip maar door de schoorsteen.”De ouwe heks nam haar bezemsteel tussen de benen en vloog op de schoorsteen, kroop er toen in en kwam zo in het huisje van Janneman.
Toen kreeg ze Janneman weer bij zijn kladden en stopte hem opnieuw in een zak, gooide die zak op haar rug en liep ermee weg.

Weer liep de heks lachend weg met Janneman op haar rug. “Oooh ik ga zo lekker eten straks klein rot vervelend ventje dat je bent. En om dit te vieren neem ik nog één lekker glas bier.” zei de heks. En zo liep ze wederom naar de pub met Janneman in een zak. De heks ging aan een tafel zitten en bestelde een groot glas bier.

Waarschijnlijk vanwege haar leeftijd moest de heks na het opdrinken van haar bier wederom naar het toilet. Deze keer vroeg ze aan de barman om op haar zak te passen. De barman vond dit geen probleem, want als hij op de zak zou passen dan kon er toch niets misgaan?

En ook nu begon Janneman verdrietig het volgende te zingen: “Had ik maar iemand om van te houden. *snik* *snik* Twee zachte armen om mij heen. *snik*”

De barman keek verbaasd op, pakte de zak en schudde hem heen en weer. “Hé stop daar eens mee!” riep Janneman “ik ga zo overgeven hoor en dat is echt niet smakelijk.” De barman vroeg vervolgens: “Wie zit er dan in de zak van de heks?” En ook deze keer vertelde Janneman een leugentje: “Ik ben de rijkste persoon van het land, beste man. En als je mij uit deze zak bevrijd, dan ga ik rijkelijk belonen.” Dat klonk wel heel aangenaam. De barman besloot de zak open te knopen en ook deze keer sprong Janneman uit de zak en rende naar huis. Dit deed hij nog sneller dan de vorige keer. Hij draaide de deur op slot en besloot echt voor niemand open te doen.

Toen de heks terugkwam van het toilet, werd ze woester dan woest. Maar de barman hield zijn hoofd koel. “Ik heb niemand uit de zak zien gaan beste heks. Maar verrek kijk eens, het touw zit niet goed vast. Weet u zeker dat u er een stevige knop in heeft gelegd?” De heks begon te twijfelde en werd wat rustiger. “Ik zal dat snotjoch maar weer ophalen. En als ik hem heb, dan zie je mij niet meer terug. Ik rammel namelijk van de honger!”

En dus liep de heks weer terug naar het huis van Janneman. Maar op het moment dat ze bij het huis was veranderde de heks haarzelf in klein jongetje en klopte aan.

“Ga weg! Ik doe voor niemand open! Ik ga pannenkoeken bakken en eet ze zelf op. Dus doeeeiiiiiiiii.” zei Janneman.

“Oh ik heb zo’n honger. Al dagen zit er een gemene heks achter mij aan, ze wil mij opeten. Gelukkig weet ik steeds te ontsnappen, maar ik heb al dagen geen eten gehad.” zei de heks.

“Ik vind het echt heel vervelend voor je. Die lelijke vieze heks zit ook achter mij aan, maar toch laat ik je niet binnen.” antwoordde Janneman.

Nu begon de heks het volgende te zingen: “Had ik maar iemand om van te houden. *snik* *snik* Twee zachte armen om mij heen. *snik*”

Janneman keek naar de deur toen hij dit liedje hoorde en besloot om de deur toch open te doen. Dit was de grootste fout die hij maakte die dag. Een tel zag hij een zielige jongen staan. Maar toen de deur openging veranderde de jongen in de heks en werd Janneman wederom gevangengenomen. “En nu ga ik rechtstreeks naar huis en peuzel ik jou lekker op!” zei de heks.

Climax

Dit is het hoogtepunt van het verhaal.

Toen ze eenmaal goed en wel thuis was, haalde ze Janneman uit de zak en zei tegen hem: “Janneman, haal het hakblok eens even.”

“Goed!” zei Janneman, en kwam met het hakblok aangesjouwd.

“Nou Janneman,” zei de ouwe heks weer, “haal de bijl eens, die in de hoek staat.”

“Goed,” zei Janneman, en kwam met de bijl aansjouwen.

“Ga nu met je hoofd op het hakblok liggen,” zei de ouwe heks.

“Neen,” zei Janneman, “doe jij het eerst eens voor. Ik weet niet hoe ik het doen moet.”

“Och! ” zei de heks, “ga er maar zo op liggen.”

“Neen,” zei Janneman, “dat kan ik zo niet doen. Dat moet je me voordoen.”

“Zo moet het,” zei de ouwe heks, en ze ging met haar kop op het hakblok liggen.

“En dan zo,” zei Janneman, en hij nam de bijl en sloeg haar de kop af.

Afwikkeling

Dit is het fysieke einde van het verhaal.

Janneman rende naar huis ging daar zijn pannenkoeken bakken. Hij besloot dat hij voortaan misschien maar eens wat aardiger moest doen tegen heksen. Ook al vond hij ze niet leuk, lelijk en gemeen. Door ze niet te pesten en uit te schelden kon het hem heel wat narigheid en angstige momenten schelen.

Eindbeeld

Dit is het laatste beeld dat je geeft aan de kinderen.

Jarenlang lag de heks in haar huis met haar hoofd naast haar lichaam. Tot er op een dag een wandelaar het huis vond en wilde vragen of hij wat mocht drinken. Toen hij aanklopte ging de deur een klein stukje open. De wandelaar duwde de deur verder open en zag het geraamte van de heks. Wat zich hier had afgespeeld wist niemand, maar jullie weten het nu wel!

En Janneman. Of hij iets had geleerd van dit avontuur is maar de vraag. Wel leefde hij nog een lange tijd in zijn papieren huisje!

Lesdoelen

Aan een verhaal kan je talloze lesdoelen koppelen. Een aantal voorbeelden van lesdoelen die je voor dit verhaal kan hebben zijn:

  • Het verhaal dient ter ontspanning voor de kinderen.
  • De kinderen kunnen benoemen welke redenen de heks heeft om Janneman gevangen te nemen. Hierbij werk je aan oorzaak/gevolg.
  • De kinderen kunnen het verhaal vertalen naar een situatie op school of in de klas. Denk hierbij aan oorzaak/gevolg en actie / reactie.

Een activiteit die je kan koppelen aan deze les is dat de kinderen het verhaal gaan afschrijven. Wat heeft Janneman geleerd of juist niet geleerd? En hoe is het gedrag van Janneman veranderd? Of is het niet veranderd?
Naast het schrijven van teksten individueel kan je de kinderen ook in groepjes verdelen en het hen laten uitspelen. In dat geval koppel je er een drama-activiteit aan.

Vertellen maar!

Dit was het verhaal over Janneman. Het verhaal is geschikt voor de midden- en bovenbouw. Het is nu aan jou om dit verhaal te delen met de kinderen in jouw klas.

Wil jij een ander verhaal vertellen? Op inmijnklas.nl staan verschillende verhalen om te vertellen!

Heb jij dit verhaal of een ander verhaal verteld aan jouw klas? Dan zijn wij benieuwd naar je ervaringen, lesdoelen, vervolg les en reacties van de kinderen. Laat het ons weten en deel je ervaringen door onder dit bericht een reactie achter te laten. 🙂

 

meesterJasper on FacebookmeesterJasper on Instagram
Jasper
Stamgroepleider van groep 6/7/8 op O.J.S. de Swoaistee te Groningen en oprichter van inmijnklas.nl. Met inmijnklas.nl hoop ik een plek te creëren waar meesters, juffen en studenten hun ervaringen en ideeën kunnen delen met elkaar!
Jasper

meesterJasper

Stamgroepleider van groep 6/7/8 op O.J.S. de Swoaistee te Groningen en oprichter van inmijnklas.nl. Met inmijnklas.nl hoop ik een plek te creëren waar meesters, juffen en studenten hun ervaringen en ideeën kunnen delen met elkaar!

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: